tekenen

Technisch tekenen is het ambacht van het maken van tekeningen volgens de geldende normen en voorschriften. Dit in tegenstelling tot het vrij tekenen, wat een kunstvorm is. Het uiteindelijke doel van technisch tekenen is het bouwen van het getekende ontwerp. Op de tekening moet dus alle informatie voorkomen om het getekende te kunnen vervaardigen, eenduidig uitlegbaar.

Het ontwerpen gebeurt in de regel door grafisch ontwerpers, constructeurs, architecten technici als technisch tekenaars.

 

Geschiedenis

Het beginsel van technisch tekenen werd in de vijftiende eeuw gelegd door architecten als Filippo Brunelleschi en Leon Battista Alberti, die de beginselen van het perspectieftekenen herontdekten. Leonardo da Vinci ontwikkelde het perspectief en technisch tekenen verder door voort te bouwen op geometrische beginselen van wiskundigen uit de Antieke Oudheid zoals Pythagoras en Euclides.

De wiskundige beginselen van het technisch tekenen werden verder ontwikkeld met de zogenaamde projectieve meetkunde, met name door de 17e-eeuwse wiskundigen als Girard Desargues en Blaise Pascal.[1] Aan het eind van de 18de eeuw werd de beschrijvende meetkunde ontwikkeld tot een omvangrijk en logisch geheel van voorschriften voor het maken van technische tekeningen. Hierbij werkte Amédée-François Frézier (1682-1773) de orthogonale projectie uit tot een samenhangend systeem. Het was echter nog geheel gericht op de praktische toepassingen.[2]

Het technisch tekenen heeft zich in de loop van de eeuwen ontwikkeld tot een moderne techniek waaraan een eenduidige evolutie ten grondslag ligt. Het klassieke technisch tekenen verliest de laatste decennia sterk aan betekenis. Bedrijven die speciaal gericht waren op het vervaardigen van hulpmiddelen voor het tekenen zijn meestal opgegaan in grote concerns die alle mogelijke hard- en software en andere benodigdheden voor kantoormaken en leveren.

Onderverdeling

Technisch tekenen is onder te verdelen in:

  • werktuigbouwkundig tekenen;
  • bouwkundig tekenen;
  • elektrotechnisch tekenen of schematekenen.

Werktuigbouwkundig tekenen[bewerken]

Werktuigbouwkundige technische tekening

Het werktuigbouwkundig tekenen betrekt het tekenen van producten, machine-onderdelen, en werktuigen.

De volgende tekeningen zijn hier onderdeel van:

  • monotekeningen, zoals:
    • snijtekeningen
    • draai- en freestekeningen
    • lastekeningen
    • plaatuitslagen (voor het buigen van platen e.d.)
    • spuitgiettekeningen
  • samenstellingtekeningen (assemblage/montage, incl. stuklijsten)
  • vrijlichaamsschema; het vereenvoudigen van de werkelijke situatie zodat er manueel een natuurkundige berekening kan worden uitgevoerd

Elektrotechnisch tekenen

Dit omvat voornamelijk naast werktuigbouwkundig tekenen ook schematekenen, met behulp van gestandaardiseerde symbolen. Er zijn in de basis twee hoofdgroepen:

  • overzichtsschema’s;
  • ontwerpschema’s;

De klant kan inzicht krijgen over wat er voor hem wordt ontworpen via de overzichtsschema’s:

  • grondschema’s;
  • blokschema’s.

Als de basis van het ontwerp eenmaal bekend is wordt het uitgewerkt in:

  • logicaschema’s;
  • (tijd)volgorde- en toestandsdiagrammen;
  • werkingsschema’s of stroomkringschema’s;
  • bedradingsschema’s;
  • leidingsschema’s en (topografische) leidingschema’s;
  • print layouts;
  • aansluitschema’s.

Het is van eminent belang voor uitbreidingen en het storingzoeken in de gebouwde installatie dat de tekeningen tijdens en na de bouw worden bijgewerkt. Deze bijgewerkte tekeningen noemt men revisietekeningen, ook wel “as built” tekeningen.

Bouwkundig tekenen

Een bouwtekening is een technische tekening van een bouwwerk of gebouw. Er bestaan verschillende soorten bouwtekeningen, zoals

  • ontwerptekeningen;
  • bestektekeningen;
  • werktekeningen;
  • detailtekeningen;
  • constructietekeningen;
  • installatietekeningen.

Beginselen van technisch tekenen

Projectiemethoden

Symbolen om aan te geven welke projectiemethode is toegepast

Moderne projectiemethoden zijn:

  • orthografische projectie;
  • axonometrische projectie;
  • centrale projectie.

Bij orthografische projectie wordt een driedimensionaal object vanuit verschillende hoeken gezien op een plat vlak getekend. Men plaatst alle aanzichten op een voorgeschreven manier onder en naast elkaar in een enkele tekening. Van belang is daarbij hoe tegen een object moet worden aangekeken.

Hiervoor zijn twee methoden in gebruik:

  • Amerikaanse projectie;
  • Europese projectie.

Andere beginselen

Andere beginselen zijn bijvoorbeeld:

  • maatvoering
  • papierformaten

Werkwijze

Handmatig tekenen

Er werd in eerste opzet vaak in potlood getekend op zwaar tekenpapier, daarna werd het ontwerp overgenomen met Oost-Indische inkt op transparant tekenpapier, calqueerpapier of calques. Later werd polyester film of folie gebruikt, een drager van polyester met een toplaag om met pen of potlood te kunnen tekenen, tevens is dit materiaal vormvaster. Die transparanten konden worden vermenigvuldigd ten behoeve van de productie met eenlichtdrukmachine. Aanvankelijk in een blauwdrukproces, waar het woord “blauwdruk” van afkomstig is. De maten van het papier en calques zijn sterk gestandaardiseerd in papierformaten. Artistieke vakgebieden als architecten gebruikten nog vaak papier van de rol. Die tekeningen pasten dan vaak niet gemakkelijk in tekeningenladekasten.

Nadat een ontwerp is gebouwd is het van groot belang de tekeningen aan te passen naar de werkelijkheid. Een ontwerper start meestal met een groot leeg vel wit papier en na afloop van het denkproces staat er een ontwerp. Maar in de praktijk kunnen de omstandigheden anders blijken dan voorzien en wordt het ontwerp anders gebouwd. Ook worden fouten in het ontwerp niet altijd tijdig opgemerkt. Deze as built of revisietekeningen zijn de basis voor onderhoud en storingzoeken. Het belang van revisietekenwerk wordt vaak onderschat, omdat het zich in een veel later stadium terugbetaalt. Leerling tekenaars leerden het handwerk meestal door eerst revisietekeningen te maken.

Archivering van grote hoeveelheden tekeningen gebeurde op microfiches, wat ruimte bespaarde. Wordt een installatie cq gebouw verbouwd, dan wordt het microfiche weer fotografisch afgedrukt op bijvoorbeeld polyester film en kan daar het ontwerp van de uitbreiding of wijziging worden ingetekend. Het gaat dan om een vergroting van 35 mm film naar papierformaat A1 of zelfs A0.

Tekengereedschap voor handmatig tekenen

Bij het klassieke technisch tekenen op een tekenplank, tekenbord of tekentafel werden veel tekenhulpmiddelen gebruikt. zoals:

  • Potloden : potloden in vele hardheden, vulpotlood, kleurpotlood; en vlakgum of stuf;
  • Pennen: stifthouder 0,3 mm, 0,5 mm en 0,8 mm (patent van Pentel); trekpen; Graphos van Pelikan; technische pen (Rapidograph), buisjespen (octrooi van Rotring); en Oost-Indische inkt
  • Tekentafel met tekenhaak of tekenmachine
  • Tekengereedschap : zoals tekendriehoek van 45/45 en 60/30 graden; liniaal; schaalstok; gradenboog; gatenplaat of cirkelmal; * schaats of afrondingsmal; passer en valpasser; strooklat; lettersjablonen met alle mogelijke letter- en cijfertypen; tekensjabloon voor alle mogelijke vakgebieden; radeermes of scheermesjes, later scalpelmesjes en glaskwastjes;

En verder zaken als schuier of vlerk; plakband voor de restauratie van in het gebruik beschadigde calques, Scotch Magic Mending Tape; omboord machine om de originele calques van een versterkte rand van plakband te voorzien.

http://www.tekenprogramma.net/